Praktijkopleiding in de maakindustrie: ‘denk eens buiten de kaders’ - Dome-X Skip to main content

Praktijkopleiding in de maakindustrie: ‘denk eens buiten de kaders’

Personeelstekorten in de Techniek en de Bouw! Heel Nederland heeft het erover: we hebben vaklieden nodig! Maar hoe gaan we dat doen? Wie neemt het initiatief, welke doelgroepen, welke opleidingen en wie betaalt? En als we dat dan allemaal weten; hebben we dan wel kandidaten die we kunnen opleiden? René Schoenmakers, Managing Partner van IP Techniek in Eindhoven: ‘Probeer eens buiten de kaders te denken als het gaat om het vinden en opleiden van de juiste mensen.’

De krapte op de arbeidsmarkt dateert al van ruim voor de coronapandemie. In 2018 had volgens het CBS een kwart van de bedrijven te weinig arbeidskrachten. En hoewel het tijdens de lockdowns van het afgelopen jaar misschien ondenkbaar leek, zijn personeelstekorten op veel plekken weer aan de orde van de dag. Wat kun je doen om het probleem te verhelpen? Volgens René Schoenmakers – Managing Partner van IP Techniek, onderdeel van een samenwerkingsverband van gespecialiseerde uitzend- en detacheringsbedrijven voor de Techniek en de Bouw- is het vinden én opleiden van mensen vooral een kwestie van buiten de kaders denken.

Samen optrekken in opleiding

Op het gebied van opleiding van medewerkers moeten bedrijven volgens Schoenmakers meer samenwerken. Hij legt uit: ‘Voor een organisatie die veel nieuwe medewerkers nodig heeft is het relatief makkelijk om iets te organiseren, bijvoorbeeld een in-house opleiding. Dat heeft het voordeel dat je met eigen producten en gereedschappen kunt werken en dat de leerlingen snel productief kunnen zijn. Anders is het als je maar een enkele nieuwe medewerker nodig hebt. Dan kun je de leerling weliswaar op verschillende momenten in een opleiding laten instromen, maar het betreft dan vaak standaardopleidingen met weinig mogelijkheden voor eigen inbreng. In zo’n geval doen bedrijven er goed aan om samen op te trekken. Want verschíllende soorten vaklieden hebben vaak dezélfde skills nodig. Tekening lezen, communicatie met klanten en veiligheid zijn bijvoorbeeld relevant voor zowel een lasser en een timmerman als voor een kanter en een loodgieter. Door samen op te trekken kunnen bedrijven sneller en goedkoper bouwen aan de ideale opleiding.’

René Schoenmakers (hier tijdens een opleiding van pijpfitters): ‘Door samen op te trekken kunnen bedrijven sneller en goedkoper bouwen aan de ideale opleiding.’

Ga voor de beste opleiding

Dan is er de vraag wie de opleiding gaat verzorgen. Volgens Schoenmakers is een ROC wel de meest voor de hand liggende keuze, maar niet per definitie de beste. Hij zegt daarover: ‘Vraag je altijd af: wat wil ik bereiken en met wie? Er zijn namelijk altijd andere mogelijkheden om medewerkers een vak te leren. Denk aan private opleiders, eigen leermeesters, vaklieden die niet meer in staat zijn om zwaar productiewerk te doen, enzovoort. Als voorbeeld gebruik ik altijd een opleiding tot lasser. Een BBL-opleiding tot MBO basislasser niveau 2 duurt twee jaar. Maar je kunt ook iemand die geen ervaring heeft in 28 dagen opleiden tot een NIL niveau 3 diploma en een NEN-ISO 9606-1 certificaat. Natuurlijk zonder “vlieguren”, maar dat kan door werken in de praktijk snel worden ingehaald. Ik zie in de praktijk vaak dat veel ondernemers eerst kijken naar de subsidiemogelijkheden en dan pas naar de opleiding. Ik zou dat altijd omdraaien: ga voor de beste opleiding en kijk dan pas hoe je het financiert.’

Gezamenlijke medewerkersplanning

Schoenmakers stelt dat bedrijven het vinden van de juiste kandidaten mogelijk deels onderling zouden kunnen oplossen. ‘Hoe kom je aan kandidaten, dat is de grote uitdaging. Iedereen denkt waarschijnlijk wel aan zijn eigen netwerk, medewerkers en familie. En waarschijnlijk ook aan BBL- en BOL-leerlingen. Of statushouders. Maar wat als dat niets oplevert? Zouden er dan bij bedrijven in de buurt potentiële kandidaten kunnen werken; mensen die eigenlijk niet matchen met de “eigen” organisatie? En zou dat omgekeerd ook het geval kunnen zijn? Met een gezamenlijke strategische medewerkersplanning zouden bedrijven mogelijk wél de juiste kandidaat op de juiste plek kunnen krijgen,’ aldus Schoenmakers.